HOME OVER ONS CONTACT
 
 
 

     
           
Rondreis door Lapland

 
   
 

 

 Home

 

 

Barre trektocht op de Kungsleden


De bergen zijn een wispelturige arena. Dat beleefden de mannen van de “Grenseløse Stavtak” van de Noorse Defensie, toen ze van Ritsem in Zweden naar Dividalen in Noorwegen trokken. Plotseling slecht weer had het verhaal makkelijk anders kunnen doen verlopen.

Na een rustdag in het kleine toeristenplaatsje Ritsem, dat door de Zweedse Toeristenvereniging wordt geëxploiteerd, zou de tocht verder gaan naar Abisko. De etappe naar Abisko ging over het algemeen door bergdalen. Deze dalen zijn gemarkeerd met rode kruizen, met een tussenruimte van ongeveer 25 m. Het navigeren met een kaart en het gebruik van GPS waren daarom niet nodig. De gedeelten in Zweden met deze padmarkeringen werden na verloop van tijd door ons als “brain-dead” etappes besproken. Natuurlijk met een humoristische ondertoon dat er van de bergwandelaar niet bijzonder veel geëist wordt om de weg te vinden in zo'n bordenjungle. We zijn ongelooflijk blij dat er in Noorwegen niet zulke markeringen zijn. Natuurlijk is een goede markering een punt van veiligheid, maar...

Vanaf Ritsem volgden we voornamelijk het bekende pad de “Kungsleden” tot Abisko. We hadden gepland om vier dagen over deze tocht te doen. Maar in de morgen van de tweede dag begrepen we dat het nu tijd was voor een etapperecord. We hadden een beetje genoeg van dit pad met zijn borden en beraamden een race naar Abisko. Wat er gebeurde was dat we stevige wind in de rug kregen en wind in de rug betekent maar één ding: skizeilen!

We hesen de zeilen en passeerden Samedorp na Samedorp, water na water en na die dag 60 km gezeild en 20 km geskied te hebben, kwamen we laat in de avond in Abisko aan, na een nieuw record op de 80 km gebroken te hebben. We glunderden van mondhoek tot mondhoek. Het is geen doel op zich om zo snel vooruit te komen, maar als het terrein wordt gekenmerkt door zoveel borden, dan raak je wat teleurgesteld als je alleen maar achter de borden hoeft aan te sjokken.
De enige stop die we die dag hadden, was toen we na 70-80 km van de nabijzijnde weg een vrouw tegenkwamen die geen ski's had, maar alleen skistokken. We vroegen haar of er wat aan de hand was, maar ze vertelde dat ze dacht geen ski's nodig te hebben, want het spoor was goed genoeg om alleen met bergschoenen te belopen. We namen haar antwoord voor wat het was en vonden het eigenlijk zinloos om te vragen wat ze bedoelde met het milde weer dat voor de komende dagen gemeld was.

Ondanks dat de kalender bijna april aanwees, kun je een echte winter beleven als je maar hoog genoeg de bergen ingaat. Vanuit Törneträsk in Zweden zouden we Dividalen in Noorwegen binnengaan en moesten we over een bergmassief. Dit zou de zwaarste belevenis van deze tocht blijken te zijn. De morgen dat we startten was prima, met zwakke wind van achteren. Het licht was erg sterk, dus we gebruikten zonnenbrillen en de milde temperatuur maakte dat het ernaar uitzag dat het een fijne etappe zou worden.
We vertrokken om 10.00 uur. De beklimming in het begin was steil en lang en we moesten ons naar boven worstelen. De wind nam steeds in kracht toe en het zicht werd slechter en slechter nadat we de bergkloof naderden waar we doorheen moesten.

Toch was het prettig om te lopen, want we hadden ondanks alles de wind in de rug en die droeg ons als het ware vooruit in het zo zware spoor. Wat er toen gebeurde, is voor mij een bewijs dat in de bergen de bergen het voor het zeggen hebben en niet de mensen, hoe gewend we ook zijn aan de bergen of hoe goed we ook uitgerust zijn. In de loop van wat we herinneren als een kwartier, nam de wind zeer sterk toe en werd zo krachtig dat we grote problemen hadden om ons op de been te houden. Er begon natte sneeuw te vallen en de wind was zo sterk dat de neerslag op onze kleren tot een ijslaag bevroor. Niemand van ons heeft ooit zoiets gezien! Het lukte ons niet meer om warm te blijven, ook al gingen we hard vooruit en Benny besloot om een trui aan te trekken. De wind was nu zo sterk dat we van elkaar niet hoorden wat we zeiden en de kaartenmap met kaart en de GPS werden van de hals van Jan Inge gerukt. Als door een wonder kreeg Benny ze te pakken voordat ze verdwenen. Benny nam niet het risico om zijn trui aan te doen, toen de wind zo krachtig was dat deze alles wegrukte wat niet goed genoeg vastzat.

Naderhand hebben we juist deze episode met de trui besproken en wisten we dat het levensgevaarlijk was geweest de jas uit te doen om te proberen een trui aan te trekken. De wind had de jas uit onze handen kunnen rukken en zonder winddichte jas had het snel erger kunnen worden. Dit klinkt misschien een beetje overdreven en we geven ronduit toe dat ieder zich een mening mag vormen. We kunnen slechts aanhalen dat we in Dividalen een berggids ontmoetten, die persoonlijke gids van twee Nederlandse skiërs was. We kwamen met elkaar in gesprek over het weer van die dag. De man zei dat hij in de 25 jaar dat hij berggids was, nog nooit zulke omstandigheden elders in de wereld had meegemaakt.

We waren slechts 5 km van het kamp vandaan toen dit gebeurde en in dat steile gebergte was het zeer noodzakelijk om te weten wat naar boven en wat naar beneden was. Zelfs al was het zicht totaal verdwenen, gingen we resoluut naar beneden en kwamen na verloop van tijd weer bij de bosrand.

Weer terug en een zeer belangrijke ervaring rijker: Keer op tijd! We zien onszelf als zeer bekend met de bergen, maar werden in een tijdsbestek van een kwartier volkomen verrast en alleen ons besluit om terug te gaan, alsmede wind en warme kleding, maakten dat dit goed afliep. Benny zegt, dat wat hij zich het best herinnert van de terugtocht, de angst was dat de wind zijn GoreTexjas van zijn lichaam zou rukken. Dat zegt wat over de kracht van de wind.
Het zijn de bergen die de dienst uitmaken!

Met dank aan Benny Sætermo en Jan Inge Rødal



 
 
 

RONDREIS DOOR LAPLAND - COPYRIGHT 2000 - ALL RIGHTS RESERVED

Kiwis Graphics